You are on page 1of 8

Lesvoorbereidingsformulier Fontys Hogeschool Kind en Educatie, Pabo Eindhoven

Bron: Didactisch model van Gelder


Student(e)
Bart Willemsen
Klas
1C
Stageschool Montessorischool
Plaats
Helmond
Vak- vormingsgebied: rekenen, meten meetkunde
Speelwerkthema / onderwerp: omtrek en oppervlakte

Mentor
Datum
Groep
Aantal lln

Peter van den Wildenberg


1-10-2015
6,7 en 8
31

Persoonlijk leerdoel:
Ik houd het overwicht tijdens de activiteit zodat de les in goede orde volbracht kan worden.
Ik zorg ervoor dat de materialen organisatorisch klaar liggen.
Lesdoel(en):
Productdoel:
de kinderen kunnen na de les de omtrek en de oppervlaktes van
complexere figuren berekenen. Dit ga ik doen door met de kinderen
opgaves te maken en tussentijds na te kijken. Hierdoor snappen ze de
denkstappen die ze moeten gaan maken en kunnen ze dit eigen maken.
Procesdoel:
de kinderen leren naar elkaar te luisteren. Ook leren ze om sommen d.m.v.
denkstappen aan elkaar uit te leggen, hierdoor leren ze ook de som te
berekenen.

Evaluatie van lesdoelen:


Ik doorloop met de kinderen een aantal vragen en sommen. de kinderen maken samen
de som. Er wordt naar de omtrek en de oppervlakte gevraagd. Als ze klaar zijn met de
som kijken we het na en evalueren we wat de kinderen hebben gedaan en of dit klopt.
Hierdoor leren de kinderen zich denkstappen eigen en kunnen ze deze bij de volgende
som gebruiken. Per opgave wordt alleen het antwoord genoteerd, hierdoor moeten de
kinderen mij en elkaar uitleggen wat ze hebben gedaan met de som.

Beginsituatie:
De groep:
Groep 6,7 en 8 is een groep waarin de sfeer goed is. Er wordt elke dag hard gewerkt aan de dagelijkse taken, maar er is ook tijd voor leuke dingen. Er hangt een
goede sfeer in de klas. De klas is echter wel een groepjes groep. De klas heeft een aantal groepjes met vrienden die verdeeld zijn over de gehele groep. Er zitten 30
kinderen in de klas. 5 kinderen in groep 6, 4 kinderen in groep 7 en 11 kinderen in groep 8.
Voorkennis:
De kinderen hebben al eens eerder gewerkt met omtrek en oppervlakte. Dit is dus eigenlijk een herhaling op wat de kinderen al gehad hebben. Echter zijn de vormen
waarmee de kinderen aan de slag gaan moeilijker dan degene die ze hiervoor gehad hebben.
Betrokkenheid:
Door een betekenisvolle PowerPoint en vragen die ik aan de kinderen stel zullen zij betrokken worden bij de activiteit. Verder moeten ze met elkaar samenwerken en is
deelname van beide kinderen nodig. Hiermee wordt de betrokkenheid ook verhoogt.
Actualiteit:
Afgezien van het feit dat groep 6 hier mee bezig is, zit er geen actualiteit in de uitvoering van de les. De elementen die ik heb gebruikt in de PowerPoint passen in de
belevingswereld van de kinderen als een voetbalveld en zwembaden.
IJsberg metafoor:
De kinderen kunnen het volgende:
- Bewustwording van verschillende grootheden lengte, inhoud en gewicht.
- Introductie als fijnere en grotere maateenheden: mm, cm, dm, m hm, dam, hm en m2.
- Verkenning en in oefening van de formule voor het bepalen van de omtrek: 2 keer de lengte plus 2 keer de breedte.
- Verkenning en in oefening van de formule voor het bepalen van de oppervlakte: lengte X breedte.
- De kinderen hebben geoefend met eenvoudige vormen zoals vierkanten en rechthoeken.
De kinderen zijn gebleven bij de eenvoudige vormen, we gaan daarom verder met de complexere vormen die niet bestaan uit simpele vierkanten en rechthoeken.
Lesverloop
Tijd
5 min

Leerinhoud Didactische handelingen


Leraar
introductie
Ik ga aan de kinderen vertellen wat we gaan
doen. Ik start de PowerPoint op en laat de
kinderen zien wat we gaan doen. Ik verdeel de
kinderen in leerkoppels. Ze gaan samen de
opdrachten beredeneren aan elkaar en het
antwoord samen uitrekenen.

Leeractiviteit
leergedrag leerling(en)
De kinderen luisteren naar wat ik uitleg. De kinderen mogen
reageren en vragen stellen.

Materialen / Organisatie
PowerPoint

15 min

5 min

opdrachten

Ik heb 5 opdrachten gemaakt voor de kinderen


die we gaan maken. Ik laat de kinderen eerst de
figuur zien. We kijken naar de maten en naar de
figuur zelf.
ik aan de kinderen
Effectieve aspecten
om Vervolgens
samen tevraag
werken
of ze bij de figuur de omtrek en de oppervlakte
uit kunnen rekenen. Daar krijgen de leerkoppels
Positieve afhankelijkheid
enkele minuten voor. Als iedereen klaar is gaan
we naar de antwoorden kijken. Als iemand het
antwoord fout heeft gaan we nader kijken naar
wat ze gedaan hebben en kijken we hoe het wel
moest. Dit gebeurd bij al de 5 vragen.

De kinderen luisteren naar de uitleg en kijken met mij samen Digibord


naar de figuren op het digibord. Ze mogen reageren en
Rekenpapier
vragen stellen wanneer zei een vinger opsteken. De
PowerPoint
kinderen gaan de sommen berekenen en gaan die
vervolgens ook nakijken.

Individuele aansprakelijkheid

Wanneer een kind van het koppel niets berekend en


niet mee doet merkt de ander dat hij/zij het alleen moet
De kinderen luisteren en mogen waar nodig reageren en
doen. Hij kan dan de ander aanspreken. De leerkoppels
vragen stellen.
bestaan uit een sterke en een zwakke rekenaar.
Hierdoor kan de zwakke beroep doen op de sterke.

afsluiting

Ik herhaal nog even kort wat we hebben


gedaan. Hoe moet de omtrek, hoe moet de
oppervlakte berekend worden. Verder gaan we
kijken hoe de opdrachten verlopen zijn en waar
de meeste fouten gemaakt werden.

Omdat de kinderen samen een som uit moeten rekenen


en ze samen tot een antwoord moeten komen, moeten
ze stap voor stap aan elkaar voordragen en controleren.
Alleen zo kom je op een gezamenlijk en juist antwoordt.

Directe en positieve interactie

De kinderen moeten met elkaar de denkstappen


overdragen en controleren. Zo komen ze beide op het
antwoord dat als het goed is de juiste moest zijn.

Adequaat gebruik van sociale vaardigheden

De kinderen moeten steeds tegen elkaar communiceren


wat ze doen. Tevens moeten ze beoordelen en
afstemmen als het niet helemaal klopt.

groepsreflectie

De kinderen gaan al gaandeweg elkaar controleren en


reflecteren op de stappen die ze doorlopen.

Persoonlijke reflectie
Wat wilde ik graag doen:
Een goed overwicht bewaren tijdens de rekenactiviteit bij groep 6.
Wat deed ik?
met de kinderen in de rusthoek gaan zitten.
PowerPoint opstarten.
Uitleg geven over wat de bedoeling is van de opdracht.
Kinderen opdelen in leergroepjes aan de hand van niveau (sterke rekenaars zwakker rekenaars).
Kinderen opdelen in leergroepjes aan de hand van de roos van Leary.
De opdrachten nakijken, uitleggen en verder toelichten.
Vooral de kinderen aan het woord laten wat ze hebben gedaan bij de 5 opdrachten.

Reflecteren op de opdracht.

Wat betekende dit?


De start van de activiteit verliep anders dan gepland. Het digibord dat vooraan de klas hing werd vergeven aan leerlingen die verkeer wilde
oefenen. Hierdoor ben ik in de rusthoek gaan zitten. De ruimte was niet optimaal groot maar er was net genoeg plek. Ik had de laptop
aangezet en heb de kinderen bij me geroepen. Ik heb de kinderen vervolgens opgedeeld in leerkoppels. De leerkoppels zijn gevormd aan
de hand van het niveau van rekenen (sterk met zwak) en aan de hand van de roos van Leary. Hier waren sommige kinderen het niet mee
eens en wilde van leergroep ruilen. Ik heb hier consequent op gehandeld door dit af te wijzen. Ik wist zeker dat als er geruild werd er niet
meer goed werd gewerkt omdat je dan beste vrienden/ vriendinnen bij elkaar ging zetten. Degene die hier tegenin ging lette vervolgens niet
meer op en begon met haar kneedgum te spelen. Ik heb vervolgens besloten om haar terug naar haar plek te sturen. Zodat we meer ruimte
hadden en ik haar niet de behoefte kon bieden wat ze op dat moment nodig had. Ik ben van plan haar op een ander tijdstip terug te halen
om haar toch die uitleg te geven die ze nodig had. De productiviteit die de andere leerlingen leveren was echt goed. De koppels werkte
goed samen door te overleggen en samen de sommen uit te rekenen. Het overleg ging dus erg goed tussen de leerkoppels. Wanneer er
geen goed antwoord werd gegeven heb ik aan een leerling gevraagd die het wel goed had of hij wilde uitleggen wat hij had gedaan. Dit
ging ook erg goed, de kinderen pakte deze uitleg goed op. Ze paste de tactieken steeds bij de volgende som toe, dus je kon zien dat de
stof toch goed werd opgepakt. Helaas was het al eerder tijd dan de bedoeling was en waren we gebleven bij de laatste vraag van vraag 5.
Ik vond het een hele productieve les met een goed resultaat. Door de ontevreden leerling weg te sturen had ik goed de overwicht te
pakken.
Feedback mentor (inclusief handtekening)
Datum:
Leuke les, goed gereageerd op I. Door haar te isoleren kon je verder met de les. Bevestig je het positieve gedrag van de anderen, die
kunnen vooruit. I. heeft alleen zichzelf er mee, omdat ze niet goed mee deed. Hierdoor zal ze dit minder snel een volgende keer herhalen.
Want, ze heeft er niks mee bereikt.
Fijn dat je beeldvormers gebruikt, dit spreekt meer kinderen aan, waardoor het beter beklijft.

OGP3 Format voor toelichting lesontwerp


Domein: Rekenen/ wiskunde

B1. Leerdoelen stellen

Welke keuze(s) heb je in dit


opzicht gemaakt?

Waarom heb je deze


keuze(s) gemaakt?

Bij de activiteit heb ik de


volgende leerdoelen opgesteld:
Productdoel:
de kinderen kunnen na de les de
omtrek en de oppervlaktes van
complexere figuren berekenen.

B3. Leeractiviteiten
begeleiden
2.6 Samenwerking,
zelfredzaamheid

De kinderen leggen aan de


hand denkstappen aan elkaar
uit wat ze doen. Ik zit erbij en
kan eventueel aansturen en
begeleiden.

A3. Leiding geven aan het


groepsproces

3.13 feedback aan leerlingen

Ik heb de vraag aan de kinderen


voorgelezen. Vervolgens kregen
ze even de tijd om met elkaar te
overleggen en de omtrek en de
oppervlakte te berekenen.
Vervolgens keken we de
uitkomsten na. Ik zit erbij om de
samenwerking te begeleiden en
eventueel te sturen.
Bij het bekijken van de
uitkomsten vraag ik hoe de
samenwerking tussen de
kinderen verliep.

De kinderen zijn gebleven bij


het onderdeel omtrek en
oppervlakte. Dit sluit mooi aan
bij het onderwerp meten
meetkunde. Omdat de
zwakkere rekenaars nog wat
moeite hebben met dit
onderwerp ga ik ervoor zorgen
dat de sterke rekenaars de
zwakkere helpen. Als je kijkt
naar de ijsbergmetafoor dan
hebben de kinderen al een
aantal stapjes gehad. Ze
hebben de verschillende
lengtes gehad: cm, dm, m etc.
verder weten de kinderen dat
lengte X breedte de
oppervlakte is en dat de zijde
bij elkaar opgeteld de omtrek
is. Ze hebben dit nog niet met
complexere vormen gedaan
dus dit heeft mij doen
besluiten om hiermee te
oefenen.
Ik heb ervoor gekozen om de
sterke met de zwakke met
elkaar te combineren omdat
ze dan beide het beste
resultaat uit elkaar kunnen
halen. De zwakke leert
denkstappen te hanteren en
de sterke kan kijken of hij de
stof goed hanteert. Ik heb
ervoor gekozen om pas in te
grijpen als ik merk dat het mis
gaat.
Omdat ik erbij zit en de
denkstappen en
samenwerking goed kan
overzien kan ik ingrijpen
wanneer het iets minder gaat
en er individueel gewerkt
werd. Daar kan ik op
anticiperen door
samenwerking te stimuleren.
Door dit te doen kan ik kijken
of de leerkoppels ook echt
samen hebben gewerkt en
niet individueel.

B2 Leeractiviteiten

Ik heb gekozen om leerkoppels

Ik heb hiervoor gekozen

3.4 passend leerinhouden


vanuit leerlijnen
3.11 Leerprocessen
observeren en registreren

Procesdoel:
de kinderen leren naar elkaar te
luisteren en om sommen d.m.v.
denkstappen aan elkaar uit te
leggen een som te berekenen.

1.1 zicht op groepjes


leerlingen
1.3 effectieve
leerkrachtcommunicatie
A4. Interactie aangaan met
de groep

ontwerpen
3.6 werkvormen en
groeperingsvormen
4.5 leeromgeving inrichten

te vormen met een sterke


rekenaar en een zwakke
rekenaar. Verder heb ik een
PowerPoint gemaakt met daarop
duidelijke plaatjes van de
opdracht.

omdat de leerkoppel zoals


hierboven al beschreven het
beste uit elkaar kunnen halen.
De zwakke rekenaar leert van
de sterke rekenaar
denkstappen te gebruiken. De
sterke rekenaar leert zijn
kennis mondeling en op en
goed manier over te brengen
op de zwakke rekenaar.