Sie sind auf Seite 1von 6

Formatted ...

Formatted ...
Formatted Table ...

9.Alte verbe Formatted ...


Formatted ...
7. Onregelmatige verba Formatted ...
Formatted ...
1.Infinitieven met /a ij / imperfectum sg. a = iij = ee , pl. a = iij = e +en la Formatted ...
final Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
verb Trunchi –stam Imperfecum Imperfectum Perfectumperfectum
Formatted ...
=-Stam = ik Imperfectum pl Formatted ...
(forma ik-eu) sg Formatted ...
BakkenBegrijpen- a bakbegrijp baktebegreep baktenbegrepen Heeft gebakkenbegrepen
Formatted ...
coaceintelege Formatted ...

LachenBijten – a lachbijt lachtebeet lachtenbeten Formatted Table


Heeft gelachen gebeten ...
Formatted ...
ridemusca
Formatted ...
WassenBlijven – a wasblijf wastebleef wastenbleven Heeft gewassenIs
Formatted ...
spalasta, a fi gebleven
Formatted ...
Formatted ...
KopenGrijpen – a koopgrijp kochtgreep kochtengrepen Heeft gekochtgegrepen
Formatted ...
cumparaapuca Formatted ...
MogenHangenKijken – maghangkijk mochthingkeek mochtenhingenkeken Heeft
Formatted ...
a puteaatirnaprivi,a te Formatted
gemogengehangen gegeken ...
Formatted ...
uita
Formatted ...
Formatted ...
Bezoeken – a bezoekvangkrijk bezochtvingkreeg bezochtenvingenkregen Heeft
Formatted ...
vizitaVangenKrijken – a bezochtgevangengekregen
Formatted Table ...
prinde, obtine,a
Formatted ...
capturaprimi Formatted ...
ZoekenRijden – a zoekrijd zochtreed zochtenreden Heeft gezocht/ is gereden
Formatted ...
cautamerge cu ceva Formatted ...
Formatted ...
DoenSchijnen – a doeschijn deedscheen dedenschenen Heeft gedaangeschenen
Formatted ...

facestraluci Formatted ...


Formatted Table ...
HebbenSchrijven – a hebSchrijf hadschreef haddenschreven Heeft gehadgeschreven
Formatted ...
aveascrie
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
HoudenSnijden – a Hou snijd hieldsneed hieldensneden Heeft gehoudengesneden
Formatted ...
placeataia
Formatted Table ...
Komen- a veni kom kwam kwamen Is gekomen
Formatted ...
KunnenSpijten – a sti, kanspijt konHet speet konden Heeft gekund
Formatted Table ...
a cunoastete scuza me Formatted ...
LatenVallenVerdwijnen laatvalverdwijn lietvielverdween lietenvielenverdwenenFormatted
Heeft gelatenIs ...
– a lasacadeadisparea gevallenverdwenen
Formatted ...

LopenVergelijken – a loopvergelijk liepvergeleek liepenvergeleken Formatted


Heeft / is ...
Formatted ...
alergacompara gelopenverkeleken
Formatted ...
Moeten – a trebui moet moest moesten
Formatted ...
RoepenWijzen – a roepwijs riepwees riepenwezen Heeft geroepengewezen
Formatted ...
strigaarata Formatted ...
WetenZwijgen – a weetzwijg wistzweeg wistenzwegen Heeft gewetengezwegen
Formatted ...
stitacea Formatted ...
Willen – a vrea wil wou Formatted ...
Willen – a vrea wil wilde wilden Heeft
Formatted gewild ...
Worden – a fi, a deveni word werd werden Is geworden
Formatted ...
Zeggen – a spune zeg zei zeiden Heeft gezegd
Formatted ...
Zien – a vedea zie zag zagen Heeft gezien
Formatted ...
Zijn – a fi ben was waren Is geweest
Formatted ...
Zullen – a vrea, a dori zul zou zouden Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted ...
Formatted Table ...
82. Infinitieven met /aa/ / ie/ imperfectum sg. ie = oo, pl. ie = o +en la
Formatted ...
final
Formatted ...
verb Trunchi- – Imperfectum Imperfectum perfectum Formatted ...
stam = ik - sg pl Formatted ...
forma ik Formatted ...
GaanGenieten gageniet ginggenoot gingengenoten Is gegaanHeeft Formatted ...
– a merge , a genoten Formatted ...
plecate Formatted ...
bucura Formatted ...
Formatted ...
StaanGieten – stagiet stondgoot stondengoten Heeft Formatted ...
a staturna gestaangegoten Formatted ...
Verstaan –a verstakies verstondkoos verstondenkozen Heeft Formatted ...
intelegeKiezen verstaangekozen Formatted ...
– a alege Formatted Table ...
Formatted Table ...
Formatted ...
DragenLiegen draaglieg droegloog droegenlogen Heeft Formatted Table

– a purtaminti gedragengelogen
SlaanSchieten slaschiet sloegschoot sloegenschoten Heeft
– a lovitrage, geslagengeschoten
a pocni, a
bateimpusca
Vragen – vraagverliez vroegverloor vroegenverloren Heeft gevraagd/is/
Verliezen- a verloren
intrebapierde
Slapen – slaapvlieg sliepvloog sliepenvlogen Heeft geslapen/ is/
Vliegen – a gevlogen
dormizbura

3.Infinitieven met / ui/ imperfectum sg. ui = oo, pl. ui = o +en la final


verb Trunchi-stam- Imperfectum Imperfectum perfectum
forma ik sg pl
Besluiten- a besluit besloot besloten Heeft besloten
decide
Buigen – a buig boog bogen Heeft gebogen
indoi
Duiken –a duik dook doken Heeft /is/ gedoken
(te ) scufunda
Fluiten – a fluit floot floten Heeft gefloten
fluiera
Ruiken – a ruik rook roken Heeft geroken
mirosi
Kruipen – kruip kroop kropen Heeft gekropen
a(te)tarai
Schuiven – a schuif schoof schoven Heeft geschoven
imbranci, a
impinge(scaun)
Sluiten – a sluit sloot sloten Heeft gesloten
inchide

4. Infinitieven met / i/ imperfectum sg.i = o, pl. i = o +en la final


verb Trunchi- Imperfectum Imperfectum perfectum
stam-forma sg pl
ik
Beginnen – a begin begon begonnen Is begonnen
incepe
Binden – a lega bind bond bonden Heeft gebonden
Drinken – a bea drink dronk dronken Heeft gedronken
Schrikken – a schrik schrok schrokken Is geschrokken
(te)speria
Springen – a spring sprong sprongen Heeft /is /
sari gesprongen
Stinken – a puti stink stonk stonken Heeft gestonken
Vinden – a gasi vind vond vonden Heeft gevonden
winnen win won wonnen Heeft gewonnen
Zingen – a cinta zing zong zongen Heeft gezongen

Liggen- a sta lig lag lagen Heeft gelegen


intins
Zitten – a sta zit Zat zaten Heeft gezeten
jos

5. Infinitieven met / e/ imperfectum sg.e = o, pl. e = o +en la final


verb Trunchi -stam Imperfectum Imperfectum perfectum
Forma ik sg pl
Schenken-a schenk schonk schonken Heeft geschonken
oferi, a darui
Trekken – a trek trok trokken Heeft getrokken
trage
Vechten – a vecht vocht vochten Heeft gevochten
lupta
Vertrekken – vertrek vertrok vertrokken Is vertrokken
a pleca
Zenden – a zend zond zonden Heeft gezonden
trimite
Zwemmen – zwem zwom zwommen Heeft
a inota /is/gezwommen

Helpen – a help hielp hielpen Heeft geholpen


ajuta
Sterven – a sterf stierf stierven Is gestorven
muri

Brengen – a breng bracht brachten Heeft gebracht


aduce
Denken – a denk dacht dachten Heeft gedacht
gandi
6. Infinitieven met / ee/ imperfectum sg.ee = a, pl. ee = a +en la final

verb Trunchi-stam Imperfectum Imperfectum perfectum


Forma ik sg pl
Breken- a brek brak braken Heeft gebroken
rupe
Nemen – a neem nam namen Heeft genomen
lua
Spreken – a spreek sprak spraken Heeft gesproken
vorbi
Steken – a steek stak staken Heeft gestoken
intepa, a
baga (ata)
Stelen – a steel stal stalen Heeft gestolen
fura

Bewegen- a beweeg bewoog bewogen Heeft bewogen


te misca, a te
muta din loc
Wegen – a weeg woog wogen Heeft gewogen
cintari(ce
greutate ai)
Eten – a eet at aten Heeft gegeten
minca
Geven – a da geef gaf gaven Heeft gegeven
Lezen – a citi lees las lazen Heeft gelezen
Vergeten – a vergeet vergat vergaten Heeft / is/
uita vergeten