You are on page 1of 5

-1-

BOEKBESPREKING
‘Sluiproutes van de Macht’
“Sluiproutes van de Macht - revoluties en geheime netwerken van 1776 tot heden”, Pasen
2010, in eigen beheer uitgegeven. Schrijver: Jules van Rooyen.

Te bestellen via www.lulu.com (ISBN 978-1-4457-7972-0). Na een eerste ‘search’ zonder


resultaat op lulu, vervolgens de knop “searching all languages” activeren, waarna een nieu-
we ‘search’ het gewenste resultaat geeft.

Via zijn functie bij de Defensiestaf raakte Jules van Rooyen vertrouwd met inlichtingen-
dienstwerk. Op die manier heeft hij voorbij de façade gekeken die ons dagelijks via de
publieksmedia en het politiek gekrakeel wordt voorgeschoteld. Hij ontdekte een werkelijk-
heid waar de leugen regeert op het brede vlak van schimmige netwerken. Na zijn werk voor
Defensie was hij tot 1998 columnist voor de Haagsche Courant. In 2002 publiceerde hij de
CDA-bundel: “De mond voorbij gepraat”.

1 - Het onderwerp
Op de boekomslag staat (in een bescheiden uitwerking):

«« Voorjaar 2010 verklaren vooraanstaande bankiers dat “Financiële instellingen de


afgelopen twintig tot dertig jaar zijn doorgedrongen tot in het hart van de staat, en
als een staat dienen te worden gereguleerd”. Zij waarschuwen voor monsters die ons
kunnen vernietigen en daar ook voortdurend op uit zijn. De Duitse minister van
Financiën pleit voor het inzetten van de inlichtingendiensten op de geldwereld. De
dreiging komt uit die hoek in een oorlog die wordt uitgevochten met financiële
middelen. Het ultraliberalisme, want daar spreken we over, heeft de grenzen
vernietigd en de weg gebaand naar de heerschappij van enkele megabanken in handen
van de Ashkenazische geldadel. Zij manipuleert met gewilde economische crises,
destabiliserende massamigraties, wereldwijde natuurrampscenarios en culturele
perversies. De mens moet ondergeschikt worden gemaakt aan de ‘New World Order’
(NWO), die domineert via geheime netwerken, grootbanken, multinationals en
supranationale organisaties. Zij zijn uit op de vernietiging van de natiestaten met hun
bescherming biedende grenzen, wetten en regeringen, en zij willen deze tenslotte ver-
vangen door een totalitair en niets ontziend mondialisme dat ten voordele strekt van
een exclusief groepje dat het liefst uit de schijnwerpers blijft. »»

Een lange geschiedenis gaat hieraan vooraf… te beginnen in 1776 toen Adam Weishaupt
uit Ingolstadt zijn langetermijnplan had geformuleerd voor een universele machtsover-
name via gewiekste methoden van infiltratie en bedrog. Dit plan was niet nieuw, want
zoals Van Rooyen opmerkt is het slechts de herformulering geweest - een ‘up to date’
brengen - van de niet aflatende strijd van Gods tegenmacht. De uitwerking van Weishaupts
plan heeft niet nagelaten de grote wereldgebeurtenissen te beïnvloeden. Vanuit dit per-
spectief bespreekt Van Rooyen de belangrijke geschiedkundige ontwikkelingen die zich
sinds 1776 hebben voorgedaan.
-2-

2 - Een aanbevelenswaardig boek


Dit boek valt onder de zogeheten samenzweringsliteratuur. Van Rooyen richt zich tevens
tot allen die niet vertrouwd zijn met deze bijzondere literatuur. Misschien dat het boek
daarom mank loopt door een teveel aan details, hetgeen afdoet aan de leesbaarheid. Alsof
iemand door een vloed van bewijzen kan worden overtuigd! Indien iemands heersende
wereldbeeld dreigt om te vallen, ontstaat een instinctieve reactie en weert men zich af. Een
fundamentele koerswending in het denken gaat meestal via de weg der geleidelijkheid. Het
is ook een complexe materie, omdat de tegenstander uiterst vernuftig te werk gaat in een
eeuwenomspannend werk dat het gewoon menselijke overstijgt. Zoals de Bijbel treffend
zegt: “Wij vechten niet tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, tegen de machten,
tegen de wereldbeheersers van deze duisternis, tegen de boze geesten in de hemelse
gewesten.” (Ef. 6:12) Omdat, ondanks de onloochenbare bewijzen van een complotterende
macht, hier sprake is van een stuk metahistorie, zal de seculiere mens - die God min of
meer vaarwel heeft gezegd - grote moeite hebben zoiets te aanvaarden. Jean-Luc Caradeau
verwoordt het aldus: “Het moeilijkste te vatten is dat de Vrijmetselarij verdeeld is, in
stukjes gehakt, en dat ontelbare organisaties voor zichzelf de vrijmetselaarsgeest opeisen,
maar dat ze desondanks één zijn en ondeelbaar.” De term Vrijmetselarij zou ik hier graag
vervangen door “geheimnis der wetteloosheid” en vrijmetselaarsgeest door “vervloeking”
(2 Thess. 2:7), want de Vrijmetselarij, alhoewel uiterst belangrijk, is slechts een van de
uitingsvormen daarvan. En dat heeft Van Rooyen begrepen. En dat nu is het onderwerp
van dit boek, dat is geactualiseerd tot aan de recente gebeurtenissen. Voor “Sluiproutes
van de Macht” ligt daar een belangrijk stuk toegevoegde waarde.

Ondanks punten van kritiek is het een aanbevelenswaardig boek dat soms verrassende in-
zichten biedt, zoals over de mislukte Europese grondwet. De schrijver geeft blijk van een
grondige kennis van het onderwerp en geeft soms fraaie samenvattingen. Veel referenties
verwijzen naar krantenberichten, die elk afzonderlijk weinig betekenen, maar samen veel
gewicht in de schaal leggen. Een goed boek dat ik nog niet kende en waarnaar vaak wordt
verwezen, is “Satan, Prince of this World” (Satan, Vorst van deze Wereld) door William
Guy Carr (1966). Het is bij Amazon.com verkrijgbaar in het Frans, maar vreemd genoeg
niet in het Engels, alhoewel Omni Christian Bookstore het gewoon aanbiedt onder
http://www.omnicbc.com/index.html. Zo’n selectieve benadering ben ik bij Amazon.com
wel meer tegengekomen. Een vergelijkbaar boek, dat overigens niet wordt geciteerd, is “A
Final Warning - a history of the New World Order” (Een Laatste Waarschuwing - een
geschiedenis van de Nieuwe Wereldorde) door David Allen Rivera, dat in 1984 voor het
eerst werd gepubliceerd (te lezen op: www.comingjudgement.250x.com). Een boek, waar
Van Rooyen veel aan ontleent, is het 1170 pagina’s tellende meesterwerk van Aleksander
Solzhenitsyn: “Deux Siècles Ensemble” (Tweehonderd Jaar Samen). (1) Daarin wordt een
evenwichtige en verantwoorde analyse gemaakt van de oorzaken van de opkomst en de val
van het Communisme en de betrokkenheid daarbij van het Jodendom, met een visie die
afwijkt van het heersende idioom. Het is daarom zijn enige boek dat niet in het Engels is
vertaald. Dat het antisemitistisch zou zijn, is onwaar. Aan het eind van hoofdstuk 9 schuift
hij de schuld in de schoenen van het Russische volk, zelfs als van een internationaal com-
plot sprake zou zijn geweest, iets dat Solzhenitsyn afwijst. Het is juist dat een mogendheid
slechts kan instorten nadat het eerst van binnen is verrot. Wel observeert hij de aanzienlijk
Joodse bijdrage in de Russische Revolutie, en weet dat terdege te onderbouwen. Zoals hij-
zelf beaamt, blijft dat een raadselachtig gegeven. Maar tevens erkent Solzhenitsyn hun on-
misbare bijdrage tijdens de jaren zestig, die tot de val van datzelfde Communisme leidde.

Ondanks de vaste bewijzen die Van Rooyen aandraagt van een complotterende en zich
compromitterende macht, kan en mag niet verwacht worden dat een boek van dit genre
nooit een steek laat vallen. De gedirigeerde misleiding kent veel vormen en het is niet
meer dan logisch dat inschattingfouten worden gemaakt (waarbij ondergetekende zich niet
uitsluit). Dat niets toeval is, zoals van Rooyen ergens opmerkt, vind ik te ver gezocht. De
-3-

tegenmacht is niet almachtig, alhoewel zij dat beeld graag instandhoudt. Onderlinge riva-
liteiten en verraad verstoren het spel, net als zelfoverschatting en domheid. De kritiek op
Van Rooyen weegt niet zwaar. Desondanks zijn er twee opvattingen die onacceptabel zijn:
Hij meent dat de oprichting van de staat Israël boos opzet was en dat de eisen van het ‘ver-
drukte’ Palestijnse volk gerechtvaardigd zijn; en ten tweede meent hij ook dat de milieu-
problematiek geheel uit de lucht is getrokken, in de kennelijke veronderstelling dat het
tegendeel van een leugen de waarheid is.

3 - De Staat Israël
Van Rooyen gaat er vanuit dat de oprichting van de Staat Israël in het perverse mondia-
liseringsplan past en door de Joodse bankiersfamilie Rothschild is aangestuurd. Hij merkt
op dat de Joodse organisaties (vooral in de VS) dissidente opinies binnen hun gemeen-
schap genadeloos afstraffen. Aan het bestaan zelf van Israël mag niet worden getornd! Hij
stelt dat Israël grotendeels door Russische Joden is bevolkt, die van oorsprong helemaal
geen Joden zijn, maar Khazaren, een soort Turken die zich in Middeleeuwen tot het Joden-
dom hebben bekeerd! In zijn analyse lijkt Van Rooyen aan de leiband te lopen van Adam
Shamir, een uit Jodendom bekeerde Christen, die wat deze problematiek betreft een mo-
deste denker is. Van Rooyen haalt ook het Goldstone Rapport aan (i.v.m. de Gaza oorlog
van 27-12-2008 tot 18-1-2009) waarin Israël het recht op zelfverdediging wordt ontzegd.
Mag ik vragen: “Sinds wanneer schrijft de Verenigde Naties betrouwbare rapporten?” (2)

Om met het argument van de familie Rothschild te beginnen. Inderdaad zijn de Roth-
schilds een uiterst belangrijke factor in het mondialiseringsstreven, maar dat wil nog niet
zeggen dat zij vrienden zijn van de ware Joden. De enige Rothschild die achter het Zio-
nisme stond was Lord Nathan Rothschild (1840–1915), ook wel Natty genoemd, die niet
toevallig de kleinzoon was van de zwager en zakenpartner van Mozes Montefiore (1784-
1885). [Montefiori heeft zich tijdens zijn leven onvermoeibaar ingezet voor de vestiging
van een Joods thuisland.] De andere Rothschilds waren integristen. Zij wilden, en willen
dat nog steeds, dat de Joden zich in de volkeren assimileren en van het toneel verdwijnen.
Tijdens het Engels mandaat over Palestina hebben de Rothschilds via de door hen gecon-
troleerde publieksmedia het Engelse regeringsbeleid altijd gesteund, dat erop was gericht
het mandaatgebied aan de Arabieren te doen toekomen, die in groten getale clandestien
binnentrokken. Maar dat liet men toe. Vooral de Britse minister van buitenlandse zaken,
Ernest Bevin, heeft tijdens de voordagen van Israëls onafhankelijkheid hierin een uiterst
kwalijke rol gespeeld. Reeds de Hope Simpson Commissie uit 1930 legde de vinger op de
zere plek. Toen al misdroeg Engeland zich. De eerste High Commissioner van Palestina,
een oom van mij, was Lord Herbert Samuel, en hij bleef dat tot 1925. Hij was een Zionis-
tenvriend en vertegenwoordigde eerder hun belangen dan die van de Britse regering, zo
werd luid gejammerd.

En wat de heersende opinie betreft ten aanzien van Israël, steekt er een addertje onder het
gras. Het overgrote deel van de Joden buiten Israël is voor opsplitsing van het land tussen
de Joden en Palestijnen volgens de richtlijnen van het Oslo Accoord van 1993. Zeker is dat
de uitvoering daarvan het einde van de staat Israël betekent …en van de aldaar wonende
Joden (ook letterlijk). Want het land zal dan militair onverdedigbaar zijn geworden. De
meerderheid van de buitenlandse Joden staat achter het Oslo Accoord, want zij hebben
zich door de Israëlische politici en hun eigen voormannen een rad voor de ogen laten
draaien. Shimon Peres is een hoge Vrijmetselaar; dus dat ligt in de lijn der verwachting.

De stelling dat de Russische of Ashkenazische Joden geen Joods bloed hebben, is gepopu-
lariseerd door de bekende auteur Arthur Koestler (1905-1983) in navolging van Elijah ben
Elijah Kazaz (1832-1912), die uit een soort zelfhaat zijn coreligionisten afviel. Alhoewel
de Khazaarse bovenklasse zich in de eerste helft van de achtste eeuw tot het Jodendom
-4-

bekeerde, is het absurd te veronderstellen dat zoiets mogelijk was geweest voor de gehele
bevolking en zonder een ter plaatse aanzienlijke Joodse gemeenschap. De Joodse geloofs-
beleving is te veelomvattend; Christen worden, Moslim worden, ja dat is eenvoudig, maar
Jood worden vereist een jarenlange intensieve voorbereiding. Solzhenitsyn weet deze
kwestie in het eerste hoofdstuk van zijn boek afdoende te bespreken, zelfs beter dan de
Joodse Encyclopedieën.

Ingevolge de superieure intelligentie van het Joodse volk hoeft men niet verbaasd te staan
dat zij telkens het voortouw hebben genomen - ten goede alsook ten kwade. Hun supe-
rieure intelligentie laat zich verklaren door het feit dat koning Salomon, de wijste man
ooit, duizenden kinderen heeft verwekt, wiens intelligentie zich via hun nageslacht door
heel het volk heeft verspreid. (3) Een verstorende factor is dat Ezaus geslacht zich in de
loop van duizenden jaren steeds meer heeft vermengd met het Jodendom om zich op die
manier de aartvaderlijke zegen toe te eigenen, die Jacob (later Israël genaamd) aan Ezau
had ontfutseld. De echte Joden haten ze, en telkens hebben ze de andere naties tot haat
tegen de Joden opgezweept. In het Jodendom zit dus de Ezautak, die van zichzelf zegt dat
zij Joden zijn, terwijl zij het in werkelijkheid niet zijn: ze zijn een satanskerk, een volk
waarop God voor eeuwig toornt. (Op. 2:9, Mal. 1:4) Niet iedere Jood is dezelfde. Zeker
niet. Zonder dit in te zien, spelen we Ezau-de-Jodenhater in de kaart en zetten wij ons af
tegen Gods scheppingsplan.

Nu is de tijd rijp voor een ommekeer, immers: “Het eind van dit tijdperk is Ezau, maar het
begin van het volgend is Jacob.” (4 Ezra 6:9) Ik citeer Raoul Auclair uit 1977: “Er is
Israël; en er zijn de volkeren. Maar ooit, ja nu in deze tijd, zal niets van wat de volkeren
overkomt begrijpelijk zijn indien niet in het licht gesteld van het ‘mysterie’ Israël.” (4)

4 - De Milieuproblematiek
Jules van Rooyen heeft gelijk dat de milieuproblematiek door de geldmachten wordt mis-
bruikt om de CO2-uitstoot te gaan rantsoeneren. De handel in CO2-rechten belooft een
gigantische jackpot te worden ter financiering van de overkoepelende New World Order-
organisaties. Jules van Rooyen heeft gelijk als hij de milieubeweging aanklaagt, die de
mens ondergeschikt wil maken aan ‘moeder natuur’ in een systeem dat van elke redelijk-
heid is ontdaan. Geert Wilders zei in zijn regeerverklaring van 27 oktober 2010: “Die
milieuclubs zijn papieren tijgers die alleen maar kunnen bestaan omdat vaak linkse poli-
tici ze met belastinggeld kunstmatig in stand houden. Wie denkt dat de ijsberen tegen-
woordig zwemmen, moet zijn eigen sprookjes maar financieren. (…) Op ontwikkelingshulp
wordt bijna 1 miljard bezuinigd. Dat is een mooi begin. Hetzelfde geldt voor de miljarden
die we overmaken naar Brussel en de bizarre klimaatidealen. Het linkse speelkwartier is
nu echt voorbij.”

Alhoewel ik het in grote lijnen met Van Rooyen eens ben, ga ik absoluut niet accoord met
zijn stelling dat de natuur over voldoende herstellend vermogen beschikt. Natuurlijk her-
stelt de natuur zich, maar hebben wij daar als mensheid de tijd voor? Wat in korte tijd
wordt ontregeld en vervuild, kost soms ontzettend lang voordat de natuur het evenwicht
heeft hersteld. Om mij te beperken tot de CO2 problematiek, dat slechts een der gassen is
met een broeikaseffect, is zelfs Judith Curry het ermee eens dat, ondanks haar aanvallen op
de klimaatlobby, de CO2-uitstoot een zorgwekkend fenomeen is. Zij is het hoofd van de
“School of Earth & Atmospheric Sciences” van het “Georgia Institute of Technology”. De
invloed en reikwijdte van de CO2-uitstoot op het klimaat is heel onzeker. Maar dat er een
verband bestaat, kan niet worden ontkend. Zij zegt: “Het publiek moet begrijpen dat in de
wetenschap onzekerheid niet gelijk staat aan onwetendheid; het is eerder een discipline
om het onbekende te kwantificeren.” (5) Trouwens, het broeikaseffect is op dit moment
niet urgent door een ongebruikelijke afkoeling van de zon, waardoor de kans groot is op
-5-

een herhaling van de kleine ijstijd aan het begin van de 14e eeuw toen een viertal extreem
koude winters het klimaat tientallen jaren heeft verstoord.

Een onmiddelijker probleem is de verzuring van het zeewater, want 1/3e van de CO2-uit-
stoot wordt door het zeewater opgenomen. Een verzuring met 0,3 van de pH lijkt niet veel,
maar de gebruikte schaal is logaritmisch, zodat dit overeenkomt met 27%. Recent onder-
zoek van Marah J. Hardt en Carl Safina heeft aangetoond dat de verzuring ernstige gevol-
gen heeft voor de zee-voedselketen omdat vooral de kleinere zeedieren, zoals plankton,
onvoldoende tijd hebben zich genetisch aan de snelle verandering aan te passen, waardoor
ze langzamer voortplanten. En dan te bedenken dat de CO2-uitstoot willens en wetens is
toegelaten, terwijl passende alternatieven voorhanden waren. Ik denk niet aan die gekke
windmolenparken, zonne-energie-panelen of auto’s die op batterijen rijden (die laatste
twee hebben een nuttig maar beperkt toepassingsgebied). Fundamenteel bieden die geen
oplossing voor het probleem van onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen.

Ondanks deze twee punten blijft onverkort de conclusie gehandhaafd dat het een zeer leer-
zaam en lezenswaardig boek is.

Hubert Luns

Voor een uittreksel van het boek zie: “De Kredietcrisis van 2008 op de Pijnbank”.

Noten
(1) Er bestaat ook sinds 2002 een Duitse uitgave, getiteld: “Zweihundert Jahre zusam-
men”. Jules van Rooyen heeft in februari 2007 een uitgebreide recensie van Solzhenitsyns
boek gepubliceerd in het tijdschrift Bitterlemon.

(2) Net als de lidstaten van de EU heeft Israël net als Zwitserland, Canada, Korea en Japan
geweigerd mee te werken aan de Goldstone Commissie vanwege hun vooringenomenheid.
De condities van het mandaat van de commissie waren vastgesteld door de mensenrech-
tenorganisatie van de VN, waar de Arabieren de leiding hebben. Een van de leden van de
commissie (prof. Chinkin) had reeds, voordat het onderzoek was begonnen, te kennen ge-
geven dat Israël de schuldige partij is.

(3) Met 20% van de wereldbevolking heeft de Islamitische gemeenschap 7 Nobelprijswin-


naars. Met 0,02% van de wereldbevolking heeft de Joodse gemeenschap 129 Nobelprijs-
winnaars. (anno 2010)

(4) “Mystère de l’Histoire” van Raoul Auclair - Nouvelles Editions Latines, Paris # 1977 (p.
10): « Il ya Israël; et il y a les Nations. Mais il est un jour, de nos jours, où rien de ce qui
advient aux Nations n’est compréhensible sans le recours au ‘mystère’ Israël. (Rom. 11:15-
26) »

(5) “Climate Heretic” van Michael D. Lemmonick - Scientific American # nov. 2010 (pp.
62-63): “The public needs to understand that in science uncertainty is not the same thing
as ignorance; rather it is a discipline for quantifying what is unknown.”